thumb_up
thumb_down
link
Copy link
Copied
insert_emoticon
lmatfy
Copied

Wijzigingen aangifte IB 2019

Nieuw in Profit 14

Ieder jaar wordt de functionaliteit voor de aangifte inkomstenbelasting aangepast zodat het voldoet aan de eisen en wensen die de overheid in dat jaar stelt. Dit kan gevolgen hebben voor de belasting die je moet betalen of terugkrijgt. De wijzigingen die hebben plaatsgevonden worden hieronder uitgebreid beschreven.

Let op:

Alle aangiftebiljetten voor de inkomstenbelasting 2019 zijn in Profit 14 beschikbaar (P, C, M, O en Z). Het F-biljet is al eerder uitgeleverd. Het elektronisch bericht voor de aangifte IB 2019 is uitgeleverd met een patch op Profit 14 (19 februari 2020). Vanaf 19 februari 2020 kun je de aangiften IB voor 2019 elektronisch naar de Belastingdienst versturen. Het uitwerken van de IB-aangiften van 2019 is al eerder uitgeleverd. Alle standaardrapportages voor de inkomstenbelasting zijn ook beschikbaar voor fiscaal jaar 2019.

Inhoud

Belastingtarieven

In 2019 zijn de belastingtarieven als volgt:

Tarief BOX 1 - Werk en woning

Het tarief voor het belastbaar inkomen uit werk en woning is een oplopend tarief met 4 schijven. Je gaat naar verhouding meer belasting betalen als het inkomen hoger wordt. Het tarief dat je betaalt, hangt af van je leeftijd:

Je hebt in 2019 de AOW-leeftijd nog niet bereikt

Je bereikt in 2019 de AOW-leeftijd

Je hebt vóór 2019 de AOW-leeftijd bereikt

Vanaf 2019 is de AOW-leeftijd 66 jaar en 4 maanden.

Tarief BOX 2 - Belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang

Over het belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang betaal je 25% belasting.

Tarief BOX 3 - Belastbaar inkomen uit sparen en beleggen

Je betaalt belasting over het inkomen uit vermogen, de zogenoemde grondslag sparen en beleggen (BOX 3). Over het belastbaar inkomen uit sparen en beleggen betaal je 30% belasting. Niet de werkelijke opbrengst, maar een fictief rendement over de waarde van de grondslag sparen en beleggen wordt belast. In 2019 zijn er 3 schijven voor het berekenen van het fictief rendement. Over het berekende fictieve rendement betaal je vervolgens 30% inkomstenbelasting.

Meer informatie:

In de tabel hieronder zie je hoe de schijven in BOX 3 zijn opgebouwd.

Berekening rendement op vermogen over 2019

Schijf

Box 3 vermogen (€)

Percentage 0,13%

Percentage 5,59%

Percentage gemiddeld rendement

1

€ 0 t/m € 71.650

67%

33%

1,931%

2

€ 71.651 t/m € 989.736

21%

79%

4,443%

3

Vanaf € 989.737

0%

100%

5,59%

Jaarovergang

Boekverlies op activa (C/F-module)

De jaarovergang van de post Boekverlies op activa in de C/F-module is aangepast. De eindwaarde van de post 26c - Boekverlies op activa in 2018 wordt tijdens de jaarovergang overgenomen naar de beginwaarde van het jaar 2019.

Terugontvangen boeterente

De specificaties die betrekking hebben op de terugontvangen boeterente gaan niet mee in de jaarovergang. Omdat het in de praktijk (nagenoeg) niet zal voorkomen dat er in het volgende jaar sprake is van precies eenzelfde terugontvangen boeterente, gaan de volgende twee specificaties niet mee in de jaarovergang:

  • Af: restant terugontvangen (boete)rente (04F119) op het scherm Inkomsten uit eigen woning
  • Af: restant terugontvangen (boete)rente (54F124) in het object van de eigen woning

Persoonsgegevens tbv onderhoudsverplichtingen

De jaarovergang van de specificatie Persoonsgegevens ten behoeve van onderhoudsverplichtingen (12S222) op het scherm Zorgkosten en alimentatie is aangepast. Voor deze specificatie geldt dat alle velden van 2018 tijdens de jaarovergang meegenomen worden naar 2019.

Aftrekbare giften

De jaarovergang van de specificaties Periodieke giften aan culturele instellingen (12F165) en Overige periodieke giften (12F065) op het scherm Zorgkosten en alimentatie is uitgebreid. Vanaf nu wordt het veld TIN instelling ook meegenomen in de jaarovergang.

Onderneming en BOX 3

In 2018 zijn verschillende specificaties in het object van de onderneming aangepast. Al deze specificaties gaan mee in de jaarovergang, waarbij steeds de eindwaarde van 2018 overgenomen wordt als de beginwaarde in 2019.

Sinds 2018 is het voor specificaties in BOX 3 mogelijk om 0 als waarde op te geven. Bij al deze specificaties wordt de eindwaarde 0 uit 2018 overgenomen als beginwaarde 0 in 2019.

Fiscaal partnerschap

In 2019 is het scherm Fiscaal partnerschap aangepast. Voor alle IB-biljetten geldt dat vanaf de aangifte inkomstenbelasting 2019 het onderdeel Gegevens van de partner is toegevoegd op het scherm Fiscaal partnerschap.

Scherm Fiscaal partnerschap tot en met 2018:

Vanaf 2019 ziet het scherm Fiscaal partnerschap (bij het uitwerken van een P-biljet) er als volgt uit:

Dit nieuwe onderdeel bevat bij alle IB-biljetten in ieder geval de volgende drie velden:

  • Naam partner: Het gaat hier om het bestaande veld Naam partner (00F006). Dit veld is verplaatst van het onderdeel Fiscaal partnerschap naar het nieuwe onderdeel Gegevens van de partner.
  • Geboortedatum partner: Het gaat hier om het bestaande veld Geboortedatum partner (00F007). Dit veld is verplaatst van het onderdeel Fiscaal partnerschap naar het nieuwe onderdeel Gegevens van de partner.
  • Burgerservicenummer partner: Het gaat hier om het bestaande veld Burgerservicenummer partner (00F008). Dit veld is verplaatst van het onderdeel Fiscaal partnerschap naar het nieuwe onderdeel Gegevens van de partner.

Woonland partner bij C- en M-biljet:

Bij het uitwerken van een C- of M-biljet wordt in het onderdeel Gegevens van de partner ook het veld Woonland partner (00F086) getoond.

Het veld Woonland partner wordt altijd gevuld met het woonland van de gekoppelde partner. De waarde wordt overgenomen uit het veld Woonland (00F229) in de aangifte van de partner.

Het veld Woonland partner wordt alleen aangeleverd bij de Belastingdienst als aan één van de volgende voorwaarden wordt voldaan:

  • De aangever is kwalificerend buitenlands belastingplichtige. Het veld Voldoet aan de voorwaarden van kwalificerende buitenlandse belastingplicht? (00F082) is WAAR.
  • De aangever maakt gebruik van de non-discriminatiebepaling. Het veld Woonde in België, Suriname of op Aruba? (00F083) is WAAR.

Als aan één van de bovenstaande twee voorwaarden wordt voldaan, moet daarnaast ook nog voldaan worden aan onderstaande voorwaarde:

  • Het woonland van de partner moet ongelijk zijn aan het woonland van de aangever.

    Let op:

    Alleen als aan één van de eerste twee voorwaarden én aan de derde voorwaarde voldaan wordt, dan wordt het veld Woonland partner aangeleverd bij de Belastingdienst.

Fiscaal partnerschap in het C-biljet:

Vanaf 2019 zijn specifiek voor het C-biljet nog een aantal aanvullende wijzigingen doorgevoerd op het scherm Fiscaal partnerschap.

Scherm Fiscaal partnerschap tot en met 2018 (C-biljet):

Vanaf 2019 ziet het scherm Fiscaal partnerschap (bij het uitwerken van een C-biljet) er als volgt uit:

In 2019 zijn specifiek voor het C-biljet de volgende aanvullende wijzigingen doorgevoerd op het scherm Fiscaal partnerschap:

  • Onder het veld In de aangifteperiode een echt- of huisgenoot? (00F001) is het veld Voldoet in de aangifteperiode aan één van de onderstaande voorwaarden: (00F085) toegevoegd.

    De voorwaarden zijn cursief, grijs en ingesprongen op het scherm:

    - Komen beiden in aanmerking voor kwalificerende buitenlandse belastingplicht?

    - Echtgenoot woonde in Nederland?

    - Woonden beiden in België en hadden Nederlands inkomen?

    - Woonden beiden in Suriname of op Aruba?

    Tot en met de aangifte inkomstenbelasting van 2018 stond dit veld op het scherm Belastingplicht.

    Meer informatie:

  • Het veld Voldoet in de aangifteperiode aan één of meer onderstaande voorwaarden: (00F199) is aangepast. Vanaf 2019 staan de voorwaarden cursief, grijs en ingesprongen op het scherm Fiscaal partnerschap.
Eigen woning

Betaal je geen of weinig rente omdat je geen of een kleine eigenwoningschuld hebt? Dan is de eigenwoningforfait meestal hoger dan de aftrekbare kosten voor je eigen woning. Je hebt dan recht op een aftrek, omdat je geen of een kleine eigenwoningschuld hebt. Dit wordt ook wel de Wet Hillen genoemd.

Meer informatie:

Vanaf 1 januari 2019 wordt de aftrek vanwege geen of geringe eigenwoningschuld (Wet Hillen) over 30 jaar geleidelijk afgebouwd (3,33% per jaar). Cliënten die nagenoeg hun hele hypotheek hebben afgelost worden hierdoor weer voor een deel belast met de inkomsten die theoretisch uit de eigen woning volgen (eigenwoningforfait bijvoorbeeld). Dit betekent dat je vanaf 2019 nog maar 96,667% van het verschil tussen de eigenwoningforfait en de aftrekbare kosten voor je eigen woning als aftrek krijgt. Het percentage neemt ieder jaar met 3,33% af. Vanaf 1 januari 2048 vervalt de aftrek helemaal.

In verband met de afbouw van de Wet Hillen is het onderdeel Aftrek wegens geen of geringe woningschuld op het scherm Inkomsten uit eigen woning aangepast. Onder het veld Verdeelde aftrek geen of geringe eigenwoningschuld (04F052) zijn de volgende drie velden toegevoegd:

  • Aangever - In aanmerking te nemen aftrek geen of geringe eigenwoningschuld (04F122)
  • Partner - In aanmerking te nemen aftrek geen of geringe eigenwoningschuld (04F123)
  • Totaal - In aanmerking te nemen aftrek geen of geringe eigenwoningschuld (04F124)

Klik hier voor meer informatie over de berekening van de nieuwe velden:

Tax_Wijzigingen aangifte IB 2019 (Eigen woning)

Persoonsgebonden aftrek

Aftrek kwijtgescholden durfkapitaal

De regeling voor aftrek van kwijtgescholden durfkapitaal is in 2010 vervallen. Vanaf 1 januari 2019 kun je hiervoor geen bedragen meer in mindering brengen als persoonsgebonden aftrek.

In aansluiting hierop zijn in Profit de volgende wijzigingen doorgevoerd:

  • Op het Overzicht persoonsgebonden aftrek is het veld Verliezen op beleggingen in durfkapitaal (12F049) verwijderd.
  • Op het scherm Overige persoonsgebonden aftrekposten is het onderdeel Verliezen op beleggingen in durfkapitaal verwijderd.

    Dit onderdeel bestond uit de specificatie Totaal aftrek verliezen op beleggingen in durfkapitaal (verstrekt vóór 1 januari 2011) (12F048).

  • Op het scherm Verdeling is bij BOX 1 het veld Kwijtgescholden durfkapitaal (12F042) verwijderd.

Aftrek van onderhoudskosten voor rijksmonumentenpanden

In 2019 vervalt ook de aftrek van onderhoudskosten voor rijksmonumentenpanden. Vanaf 1 januari 2019 kun je geen bedragen van onderhoudswerkzaamheden aan je rijksmonumentenpand meer in mindering brengen als persoonsgebonden aftrek. Vanaf 1 januari 2019 kun je een subsidie aanvragen voor instandhoudingskosten aan je rijksmonumentenpand. Klik hier voor meer informatie over de regelingen rondom het rijksmonumentenpand.

Hiervoor zijn in Profit de volgende wijzigingen doorgevoerd:

  • Op het Overzicht persoonsgebonden aftrek is het veld Onderhoudskosten voor rijksmonumentenpanden (12F044) verwijderd.
  • Op het scherm Overige persoonsgebonden aftrekposten is het onderdeel Onderhoudskosten voor rijksmonumentenpanden verwijderd.

    Dit onderdeel bestond uit de specificatie Aftrekbaar bedrag voor rijksmonumentenpanden (12F039).

  • Op het scherm Verdeling is bij BOX 1 het veld Onderhoudskosten voor rijksmonumentenpanden (12F041) verwijderd.

Tax_Wijzigingen aangifte IB 2019 (Persoonsgebonden aftrek)

Voorkoming dubbele belasting

Met ingang van 2019 komt de bronheffing die is ingehouden op spaarrente te vervallen.

In aansluiting hierop zijn in Profit de volgende wijzigingen doorgevoerd:

  • In het onderdeel Teller, restanten en correcties op het scherm Aftrek om dubbele belasting te voorkomen BOX 1 is de specificatie Buitenlandse spaarrente/bronheffing (EU-spaarrenterichtlijn) (14F059), inclusief bijbehorende velden, verwijderd.
  • De berekening van het veld Totaal voorheffingen (14F045) in het onderdeel Verplichte aanslag op het scherm Voorheffing, aanslag, teruggaaf is aangepast. Het veld Bronbelasting wordt niet meer meegeteld in het totaal aan voorheffingen.
  • Ook het onderdeel Saldo IB/PVV op het scherm Belasting en premies wijzigt vanwege het verwijderen van de ingehouden bronheffing op spaarrente. Het veld Ingehouden bronheffing op spaarrente (EU-spaarrenterichtlijn) (14F060) is van het scherm en uit de berekeningen verwijderd.
Onderneming

Rijd je privé met een zakelijke auto? Dan moet je bijtelling betalen. Bijtelling is het betalen voor het privégebruik van de zakelijke auto. De overheid ziet het privégebruik van een auto-van-de-zaak als vorm van arbeidsloon, waarover belasting betaald moet worden.

De Tweede Kamer heeft met het Belastingplan 2019 besloten om de bijtellingsregels aan te passen. In 2019 gaat de bijtelling voor elektrische auto's met een cataloguswaarde van meer dan € 50.000,- gedeeltelijk naar het hoge bijtellingstarief. Tot € 50.000,- betaal je 4% bijtelling en over het bedrag boven de € 50.000,- betaal je 22% bijtelling.

De bijtelling voor auto's met CO2-uitstoot is in 2019 ongewijzigd (22%). Ook de bijtelling voor auto's die volledig op waterstof rijden wijzigt niet (4%).

Klik hier voor meer informatie over de bijtellingsregels in 2019.

In verband met deze wijziging is het veld % bijtelling in de specificatie Privé-gebruik auto (forfaitair) (52F017) aangepast. Je vindt deze specificatie in het object van de onderneming in het onderdeel Correcties voor de fiscale winstberekening. De waarde 4%, 22% boven € 50.000 cataloguswaarde is aan het veld % bijtelling toegevoegd.

Kies je voor deze nieuwe waarde bij het veld % bijtelling? Dan is de berekening voor de bijtelling als volgt:

Cataloguswaarde

Berekening

Hoger dan € 50.000,-

€ 50.000,- * 4% + ([cataloguswaarde] -/- 50.000) * 22%

Gelijk aan of lager dan € 50.000,-

[cataloguswaarde] * 4%

Tax_Wijzigingen aangifte IB 2019 (Onderneming)

Klik hier voor meer informatie over de bijtellingsregels in 2020:

Diversen

Simulatie aangifte IB 2019

In eerste instantie is de simulatieaangifte IB 2019 alleen beschikbaar bij cliënten met een F-biljet. De uitlevering van de simulatieaangifte IB voor het nieuwe jaar loopt synchroon met de uitlevering van de verschillende gewone aangiftebiljetten. Dit betekent dat eerst alleen het F-biljet voor simulatie beschikbaar is. Bij de uitlevering van de P- en O-biljettten komt ook de simulatieaangifte voor deze biljetten beschikbaar. Tot slot wordt met de uitlevering van de C- en M-biljetten ook voor die biljetten de simulatie uitgeleverd.

Huwelijkse voorwaarden

Je kunt vanaf nu huwelijkse voorwaarden vastleggen bij de burgerlijke staat van de cliënt IB. Naast Gehuwd kun je in Profit 14 ook kiezen voor Gehuwd met huwelijkse voorwaarden en Gehuwd zonder huwelijkse voorwaarden. Hiervoor gebruik je de volgende codes:

Rapportage

Alle standaardrapportages voor de inkomstenbelasting zijn nu ook beschikbaar voor fiscaal jaar 2019.

Rapporten met eigen opmaak

Er zijn voor de Standaardrapportage 2019 IB (Profit) én de Standaardrapportage 2019 IB variant (Profit) geen nieuwe stijlen toegevoegd.

Meer informatie:

Placeholders

Sinds Profit 14 wordt er in de aangiftebiljetten voor de inkomstenbelasting gebruik gemaakt van placeholders. Deze voorbeeldteksten geven je direct inzicht in het formaat waarin je de gegevens moet invullen. De placeholders zijn met name toegepast in specificaties met datum- en adresvelden. Bijvoorbeeld in de specificatie Betaalde rente en kosten van (hypothecaire) geldleningen (niet-aftrekbaar):

De placeholders zijn niet alleen toegevoegd in de verschillende aangiftebiljetten voor de inkomstenbelasting, maar ook bij de toeslagen en de aangifte schenkbelasting. De placeholders helpen je om de gevraagde informatie in het juiste formaat in te vullen.

Direct naar

  1. Aangifte IB verwerken
  2. Persoonlijke gegevens
  3. Fiscaal partnerschap
  4. Verzamelstaat
  5. Belasting en premies
  6. Commercieel Fiscaal uitwerken IB
  7. Aangifte met alleen fiscale cijfers
  8. Te conserveren inkomen
  9. Vermogensvergelijking
  10. Verificatie
  11. Conceptaangifte
  12. Rapportage aangifte IB
  13. Status en voortgang
  14. Fiscale kaart IB
  15. Verliesverrekening Aangifte IB
  16. Middeling IB/PVV
  17. Taxomizer
  18. Controle aangifte IB

Process

Aangifte IB

Work area

Fiscaal