Voorbeelden Afvalbeheerbijdrage Verpakkingen

Er zijn verschillende situaties mogelijk bij verpakkingen, waarvan een aantal is uitgewerkt.

Aandachtspunten:

  • Producten die niet op de Nederlandse markt terechtkomen en dus worden geëxporteerd kunnen aan de hand van een percentage ten opzichte van het totaal worden afgetrokken van de totale hoeveelheid aan te geven Afvalbeheersbijdrage verpakkingen.
  • De administratie die bijgehouden wordt moet ten minste de volgende gegevens bevatten:
    • Het aantal kilo’s
    • De verschillende materialen van de verpakking

Inhoud

  • Voorbeeld met verschillende verpakkingslagen
  • Voorbeeld met verpakkingscombinaties
  • Voorbeeld met een voorraadberekening
Voorbeeld met verschillende verpakkingslagen

Een producent levert schroeven in kunststofbakken. De bakken worden in omdozen en op pallets geleverd.

De verpakkingen hebben de volgende kenmerken:

  • Kunststofbak met deksel: 200 gram kunststof
  • Sticker per bak: 2 gram papier en karton
  • Omdoos voor tien bakken: 400 gram papier en karton
  • Stretchfolie per pallet: 200 gram kunststof

Leg de eenheden als volgt vast:

  • Stuks: één schroef, zonder verpakking
  • Bak: 500 stuks (schroeven), één kunststofbak en één sticker
  • Omdoos: 5.000 stuks (schroeven), tien bakken, tien stickers en één omdoos
  • Pallet: 250.000 stuks (schroeven), 500 kunststofbakken, 500 stickers, Doos 50 en Stretchfolie DELING 625. (Terugrekenen naar de basiseenheid)

Bij verkoop van 1.000 bakken geldt de volgende berekening:

  • Stickers: 1.000 x 2 gram = 2 kg papier en karton
  • Kunststofbakken: 1.000 x 200 gram = 200 kg kunststof
  • Omdozen: 100 x 400 gram = 40 kg papier en karton
  • Stretchfolie: 2 x 200 gram = 0,4 kg kunststof

Eén pallet bevat 500 bakken. Voor 1.000 bakken zijn daarom twee pallets nodig.

Voorbeeld met verpakkingscombinaties

Gebruik verpakkingscombinaties als je veel artikelen in een beperkt aantal vaste combinaties verzendt.

Voorbeelden:

  • Combinatie A: 125 gram papier en karton en 18 gram kunststof
  • Combinatie B: 300 gram papier en karton en 2 gram metaal

Voeg iedere combinatie als afzonderlijk verpakkingsartikel toe. Leg bij elk verpakkingsartikel het gewicht per materiaal vast.

Koppel daarna de combinatie aan het artikel of de eenheid waarvoor je deze gebruikt. Profit registreert hierdoor het aantal geleverde combinaties.

Voorbeeld met een voorraadberekening

Gebruik een voorraadberekening als je verpakkingen niet betrouwbaar aan afzonderlijke artikelen kunt koppelen.

Je bepaalt hiervoor de volgende waarden:

  1. De beginvoorraad van het materiaal.
  2. Hoeveel materiaal je hebt ingekocht.
  3. De eindvoorraad na de inventarisatie.
  4. Bereken het verbruik met de volgende formule:

    Beginvoorraad + inkopen − eindvoorraad = verbruik

    Voorbeeld:

    Papier en karton:

    30.000 kg + 120.000 kg − 15.000 kg = 135.000 kg

  5. Bepaal welk deel bij Nederlandse afnemers terechtkwam.
  6. Leg de berekening en gebruikte verdeelsleutel vast.
  7. Bewaar de berekening bij de verpakkingenadministratie.

Verwerk correcties voor export buiten Profit. Gebruik alleen percentages die je met verkoopgegevens kunt onderbouwen.